Bedek het aanrecht met een lang stuk plasticfolie.
Snijd een rond stuk groene kool uit met een diameter van 26 cm plus nog een van 28 cm. Leg de kleinste op het plastic folie.
Schep de vulling op het blad. Maak er een mooie, compacte koepel van, maar laat een rand van 2 cm vrij.Leg de grootste cirkel groene kool over de koepel en vouw het geheel dicht. Pak het folie vast en rol om de bol heen, zo strak mogelijk. Knoop de folie dicht en leg een uur in de koeling. Rol de eerste lap bladerdeeg uit en snijd er een cirkel uit van ca. 26 cm. Leg deze op een met bakpapier beklede bakplaat. Haal de bol groente uit de folie en leg deze op het bladerdeeg.
Rol de tweede lap bladerdeeg uit en snijd er een iets grotere cirkel uit (ca. 28 cm). Leg deze voorzichtig over de vulling heen.
Kwast de randen in met eigeel.
Druk de randen van de twee deeglagen goed op elkaar aan. Snijd eventueel overtollig deeg netjes weg. Druk de randen in met de tanden van een vork of maak een schulprandje met je vingers om de taart te verzegelen. Dit kan ook met de achterkant van een aardappelschilmesje.
Bestrijk de bovenkant 2 keer met het eigeel. Snijd met de achterkant van een mes (zodat je het deeg niet doorsnijdt) een mooi waaiervormig of spiraalvormig patroon in de bovenkant. Maak in het midden een klein gaatje zodat de stoom kan ontsnappen.
Zet de pithivier minimaal 30 minuten in de koelkast om op te stijven.
Verhoog de oventemperatuur naar 200°C. Bak de pithivier in 35-40 minuten goudbruin en gaar.